Nenets zitten niet te wachten op een gelamineerde stamboom in hun Chum.

Ingezonden brief aan NRC-Opinie dd. 25 augustus 2017
Met kromme tenen las ik het reisverhaal ‘Nomaden interviewen bij min 25 graden’ over het bezoek van MyHeritage-vrijwilligster Thamar Pinhas aan de Nenets door Sjoerd Wielenga in de NRC van 17 augustus 2017. Alweer wordt er koloniaal gesproken over ‘stammen’ in plaats van ‘inheemse volken’. Ook betreft het hier de ‘Nenets’ en niet de ‘Nenetsen’. Is het in Nederland zo moeilijk om de richtlijnen van de Verenigde Naties (VN-declaratie over de rechten van inheemse volken – UNDRIP, welke ook door Nederland is geratificeerd) hierin te volgen? Wij spreken, als we het over Friesen of Hollanders hebben, toch ook niet van stammen?

Zorgwekkend is de nonchalance waarmee de uitbreiding van de database van stambomen van het bedrijf MyHeritage besproken wordt. MyHeritage verzamelt namelijk ook DNA-materiaal en daarmee dus ook genetisch materiaal, test daarmee de genealogie, etniciteit, etc. Cruciaal is daarom de vraag of MyHeritage tijdens hun bezoek aan de Nenets en andere inheemse volken ook DNA heeft afgenomen. Want het gaat vandaag de dag zo gemakkelijk en klink onschuldig: even een paar wattenstaafjes uitdelen en het is zo gepiept. Organisaties van inheemse volken zijn daar zeer kritisch over, zoals ook de documentaire ‘Gene Hunters’ uit 1995 al laat zien.
Ook vraag ik me af of MyHeritage de internationale richtlijnen, welke voor het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek afgesproken zijn, gevolgd heeft. Het verrichten van wetenschappelijk is in de Russische Federatie zeer moeizaam.
De Nenets, vooral de semi-nomadische rendierhouders, hebben wel grotere prioriteiten dan een gelamineerde stamboom in hun Chum. Behalve dat zij, net als andere inheemse Arctische volken, door de versnelde klimaatverandering in hun voortbestaan bedreigd worden, kan men zich in de Russische Federatie niet zonder risico uiten. Verschillende inheemse woordvoerders werden aangaande activiteiten in internationaal verband de mond gesnoerd en waren genoodzaakt zich – al dan niet met familie – in het buitenland te vestigen. Het lijkt mij daarom in verslaggeving veel belangrijker om bij dergelijke praktijken de juiste journalistieke vragen te stellen, in plaats van een ethno-exotistisch plaatje te schetsen.
Govert de Groot
Arctic Peoples Alert

NRC, Sjoerd Wielenga, 17 augustus 2017:
www.nrc.nl

Nomaden interviewen bij min 25 graden
Thamar Pinhas (27) werkt voor een bedrijf dat wereldwijd familiegeschiedenissen vastlegt. Onlangs werd ze drie weken naar Siberië gestuurd.
Sneeuw, sneeuw en nog eens sneeuw. Voor haar, achter haar en opzij. Waar Thamar Pinhas (27) ook kijkt, ze ziet alleen een grote, witte, kale vlakte. Na een rit van zo’n tien uur stuiteren in een Trekol – een terreinwagen die door een dik pak sneeuw kan rijden – komt ze samen met haar collega’s aan in het witte landschap. Een tam rendier met een strikje om – een huisdier – verwelkomt het bezoek. Ze voelt zich als een klein kind in een magische wereld.
Pinhas is beland in de uitgestrekte toendra van Siberië, in het Aziatische deel van Rusland. Ze nam dit voorjaar deel aan een bijzonder project van haar werkgever: een drieweekse expeditie die als doel had de familiegeschiedenis vast te leggen van de Nenetsen, een oude stam met zo’n 45.000 nomaden. De stam, die leeft en werkt met rendierkuddes, wordt in zijn manier van leven bedreigd door de oprukkende olie- en gasindustrie in het gebied.
De Nederlandse Pinhas werkt sinds 2014 in Tel Aviv bij het Israëlische MyHeritage, een online platform voor stambomen, familiegeschiedenis en DNA-tests. Het platform heeft naar eigen zeggen 91 miljoen gebruikers wereldwijd, onder wie ongeveer een miljoen Nederlanders. Zij kunnen zich gratis inschrijven, maar wie volledig gebruik wil maken van de mogelijkheden moet een betaalabonnement afsluiten.data19220103-0f7361

Veldwerk
Medewerkers van MyHeritage reisden eerder naar Namibië en Papoea-Nieuw-Guinea, waar andere inheemse stammen met uitsterven worden bedreigd. Want, is de gedachte van het bedrijf, elk mens – met en zonder internetverbinding – heeft er recht op dat z’n familiestamboom digitaal wordt bewaard voor het nageslacht.
Van de veertig collega’s die zich opgaven voor de reis naar Siberië, koos het management er zes uit, onder wie Pinhas. Ze twijfelde geen moment om te solliciteren toen ze hoorde wat de bestemming was, vertelt ze. „Het was een once-in-a-lifetime-experience.” Normaal beantwoordt ze voor haar werk per e-mail technische en genealogische vragen van Engels- en Nederlandstalige klanten, nu kreeg ze de kans om veldwerk te doen.
Hoeveel zin Pinhas ook had in de expeditie, toch was ze vooraf zenuwachtig. „Ik ben geen kampeerder en heb een hekel aan kou. Het was daar min 25 graden en bovendien zouden we bij de lokale bevolking in tenten leven, zonder douche en wc. Daar zag ik erg tegenop.
Op 22 maart begon de expeditie. In de tenten van de Nenetsen, ‘tsjoems’, interviewde Pinhas met twee collega’s en met behulp van een tolk de bevolking. Ze wilden achterhalen hoe de Nenetsen leven, wat hun tradities zijn en welke familieverhalen er mondeling zijn overgeleverd. Ook wilde het team een stamboom maken en inventariseerde daarom namen, geboorte- en sterfdata. Alle informatie werd ter plekke met behulp van speciale software ingevoerd en na de expeditie in een online stamboom vastgelegd.
De families moeten goed met elkaar samenwerken om te kunnen overleven in de sneeuw, zag Pinhas. „We spraken een zeventigjarige vrouw die elke dag dertig kilometer loopt om de rendierkuddes te verzorgen. We waren er stil van.” De Nenetsen zijn in alles afhankelijk van hun rendieren. Ze eten niet alleen rendiervlees, maar maken van de huiden tentdoeken, matrassen, kleding en speelgoed. De geweien verkopen ze. „En tijdens een rituele slachting drinken ze zelfs het bloed.”

Satelliettelefoon
Het was werken in soms barre omstandigheden. Even naar de wc gaan bleek inderdaad een uitdaging. Voordat ze uit een door een oven verwarmde chum de vrieskou instapte, moest Pinhas eerst al haar beschermende kleding aantrekken. „De traditie staat niet toe dat vrouwen zichtbaar zijn tijdens hun sanitaire activiteit. Dus ik liep eerst vijf minuten zodat ik me achter een heuveltje kon verstoppen.”
Halverwege de expeditie sliep het team twee nachten in een hotel in de stad en was er eindelijk gelegenheid om te bellen met het thuisfront. „In de toendra was een satelliettelefoon beschikbaar. We mochten daarmee een geliefde bellen, maar toen mijn vriend belde was er steeds geen gehoor. Dat was het enige moment dat ik er even doorheen zat.”data19220124-1fabf0
Na drie weken arbeid kon het team dertien stambomen bouwen, waarin meer dan drieduizend mensen zijn opgenomen. De vroegste achterhaalde gebeurtenis is een geboorte uit 1880, en met foto’s en video’s is het dagelijks leven en de familiebanden van het volk vastgelegd. In de bewoonde wereld hebben de Nenetsen nu dus toegang tot hun online stamboom. „Maar”, zegt Pinhas, „we willen alles ook printen en lamineren zodat ze het kunnen ophangen in de chum.”
Is ze haar werk ná de expeditie leuker gaan vinden? „Ik ben het vooral belangrijker gaan vinden. Doordat ik nu niet alleen per e-mail, maar écht contact heb gehad met mensen over hun familieverleden, begrijp ik hoe emotioneel betrokken mensen daarbij zijn.
Na de reis ging ze zelf ook bij familie langs, vertelt Pinhas, en op haar LinkedIn-profiel staat inmiddels dat ze carrièremogelijkheden in Nederland zoekt. „Wie weet verhuis ik binnenkort terug zodat mijn vriend en ik mijn familie vaker kunnen zien.”
Foto’s: MyHeritage
blog.myheritage.com

T/m 21 oktober 2012 – BredaPhoto – Homo empathicus

Informatiecentrum in de StadsGalerij (ook bookshop),
Oude Vest 34, 4811 HT Breda
T.: 0615561729 www.bredaphoto.nl
BredaPhoto zoekt tijdens een wereldwijde crisis naar nieuw optimisme. Het gaat over de wereld van vandaag  en over die van morgen, waar ruimte is voor het ‘samen’ en niet alleen voor het ‘ik’.
Deelnemende fotografen met Arctische ontwerpen zijn onder andere:
  • Evgenia Arbugaeva: Tiksi – Siberië
  • Michiel Brouwer: Lapponesis – Sapmi – Zweden
  • Tiina Itkonen: Inughuit – Noord-Groenland
  • Yuri Kozyrev: Russia’s green exodus.
Lapponensis 
Michiel Brouwer, 1985, Nederland.
Fotografieopleiding AKV | St. Joost in Breda (2005).
22 september 2012 – Boekpresentatie Lapponensis
StadsGalerij, Oude Vest 34, 4811 HT Breda
Interview met Michiel Brouwer door Edie Peters + signeren. lapponensis.michielbrouwer.com
Brouwer verhuisde op driejarige leeftijd met zijn ouders naar een dorpje in Noord-Zweden. In 2005 keerde hij terug naar Nederland. In een Zweedse krant had hij een artikel gelezen over de Zweedse rassenpolitiek ten aanzien van de Samen (Sami) in Sapmi (Lapland). Nog voordat in Nazi-Duitsland een destructieve rassenpolitiek werd ingevoerd, had Zweden al een Rassenbiologisch Instituut dat tot in 1958 onderzoek bleef doen. Al die tijd bleef de overheid streven naar een strikte scheiding tussen de Samen en het Zweedse (of Arische) ras. In de zoektocht naar dit pure ras werden
castraties, gedwongen abortussen en grafschendingen (‘in naam der wetenschap’)
niet geschuwd. Met het project Lapponensis – the influence of Swedish race biology studeerde Brouwer in 2009 af aan de kunstacademie. Zijn onderzoek echter, was nog niet voltooid. Met een Mercedes 608 bus uit de jaren zeventig reed hij daarom tussen november 2010 en maart 2011 door het winterse Sapmi om de (hedendaagse) Samen op te zoeken en hun leven vast te leggen. Brouwer wil de uitblijvende erkenning van het lijden van een hele bevolkingsgroep blootleggen. Drie jaar later is Lapponesis een boek, in eigen beheer uitgebracht na een crowdfunding project via de website Voordekunst.nl
 
Tiksi
Evgenia Arbugaeva, 1985,
Tiksi, Siberië, Russische Federatie.
Achttien jaar na haar vertrek keert Arbugaeva naar haar geboorte-plaats Tiksi terug. Daar ontmoette zij de jonge Tanya, die haar aan
zichzelf als klein meisje doet denken. In haar serie Following the reindeer (2008) volgde zij nomadische rendierhouders. 
De kleurige beelden uit Tiksi lijken een sprookje van besneeuwde toendra’s en groen noorderlicht, waar de nieuwsgierige Tanya met haar rode muts (een eerbetoon aan de onderzoeker en ontdekkingsreiziger Jacques Cousteau, held van beiden) een rondleiding geeft. Arbugaeva toont haar geboorteplaats en hoe deze in haar herinneringen voortleeft. Maar misschien is die herinnering wel mooier dan de werkelijkheid toestaat. Haar inleidende woorden: “Er was eens een dag in Siberië, aan de oevers van de Noordelijke IJszee, toen in een kleine stad een klein meisje uit haar droom ontwaakte.
De geschiedenis herhaalt zich. In de herfst van 2012 willen ook Tanya en haar familie Tiksi verlaten.In de Sovjet-periode was Tiksi een belangrijk militair en weten-schappelijk centrum met veel inwoners. Na het uiteen vallen van de Sovjet Unie, stroomde de stad het leeg. Op jonge leeftijd vertrokken ook Arbugaeva en haar familie. 
 
Inughuit 
Tiina Itkonen,
1968, Finland.  
Itkonen maakt deel uit van de Helsinki School: een groep fotografen met een scherp oog voor esthetiek, afkomstig van de Aalto Universiteit van Helsinki.
In 1995 reisde zij voor het eerst naar Groenland en raakt gefascineerd door de Groenlandse mythe Moeder van de Zee, waarin zij de Inuit voor hun hebzucht en slecht gedrag door hen de beesten waarvan zij leven te  ontnemen. Itkonen verblijft daarna verschillende keren enkele weken in plaatsen als Qaanaaq, Moriusaq en Siorapaluk op Noord-Groenland.
Inughuit leven op het ritme van het weer en de seizoenen.
Wanneer de omstandigheden dat toestaan komen zij naar buiten om te jagen, familie te bezoeken en naar aangrenzende dorpen af te reizen. Tijdens de vier maanden per jaar waarop het werkelijk ‘dag’ is, benutten zij alle tijd die hen gegeven wordt. Uitrusten kan later, in de vier maanden ‘nacht’ die volgen.
Eindelijk is haar werk in Nederland geëxposeerd. Eerdere pogingen van Museum Volkenkunde en Arctic Peoples Alert strandde. Haar boek: Inughuit / 165 blz./ Publisher Libris, Finland 2004 / ISBN 952-91-6967-1 / jammer genoeg uitverkocht.
 
Een bijschrift invoeren

Russia’s green exodus

Yuri Kozyrev, 1963
Russische Federatie.
Lid en medeoprichter van het fotoagentschap Noor
Voor het fotoagentschap Noor bracht hij in het kader van het “klimaatveranderings-project” Russia’s green exodus, de Russische ‘terug naar het land’ beweging in beeld: mensen die ervoor kozen zich terug te trekken in de natuur, als alternatief voor een maatschappij waarin zij zich niet langer thuis voelden. Met tienduizenden keerden deze mensen zich af van consumentisme, het regeringsbeleid en de corruptie. Verspreid over Rusland wonen zij samen in communes. Al in de late jaren tachtig raakte een kleine groep Russen geïnspireerd door het traditionele bestaan van inheemse volken in Noord-Amerika (native Americans). Voorbeelden vonden zij in boeken en in romantische Marlboro reclames. Socialistische idealen raakten daarbij vermengd met religieuze retoriek. Dit tot onvrede van de overheid en de geheime diensten, maar ook van de Russisch Orthodoxe Kerk die deze groene communes tot
op de dag van vandaag blijft veroordelen.

arctica 33 – Poolnacht van Groningen

De Poolnacht van Groningen werd gehouden van 15 november 2010 t/m 15 januari 2011.

Het was een initiatief van het Willem Barentsz Poolinstituut en C&N-Rijpma Projecten en werd ondersteund door het WWF, Blikveld en de KNNV Uitgeverij. Tijdens een groot scala aan activiteiten werd tevens het veertigjarig bestaan van het Arctisch Centrum (RUG) gevierd. Een kort verslag.
15-11 Op de opening werd veel aandacht besteed aan de activiteiten en mogelijkheden voor het Nederlandse bedrijfsleven bij de winning van gas op schiereiland Jamal in het Noordwesten
van Siberië.

18-11 In Zwolle vond het uitgestelde seminar Van wie is de Noordpool? plaats, aangeboden door de Gemeente Groningen en gesteund door VNO-NCW Noord. Geert Greving van GasTerra, secretaris stichting Project Delta Group en voorzitter van de Rusland Groep van de Dutch Trade Board, sprak enthousiast over de mogelijkheden voor de Nederlandse industrie om op Jamal via zee gas te
winnen. Volgens Greving kunnen Nederlandse ondernemers met hun innovaties de waterbange Russen goed helpen en kennis aandragen met betrekking tot permafrost. Er zouden bij Jamal alleen wat witte robben zitten (waarschijnlijk bedoelt hij jonge kleine zeehond). Tijdens zijn bezoek aan het gebied werden de oorspronkelijke bewoners, volgens Greving Indianen, er ook even bijgehaald. Die dronken bleken te zijn. Weinig respectvolle taal van de GasTerra-vertegenwoordiger en dat heb ik ook uitgesproken.

V.l.n.r.: Groenlandse les door Ole Korneliussen op de Poolmarkt; Joyce Roodnat spreekt met Bernlef; Sacha Landkroon, huisdichter RUG.

24-11 Op een bijzondere Literaire Poolnacht waren onder leiding van Joyce Roodnat bijdragen te horen van J. Bernlef, Remco Ekkers, Sacha Landkroon, Lars Saabye Christensen (Noorwegen), Sami Ailo Gaup uit Noorwegen, Groenlander Ole Korneliussen (Qivittoq) uit Denemarken. Al dan niet gereisd, (tijdelijk) woonachtig of geboren in Arctisch gebied hadden allen het Arctisch gevoel in hun oeuvre verwerkt. Opvallend was dat de bewoners het wat minder warm en romantisch ervoeren dan de (niet) bezoekers van het Poolgebied.
In het Universiteitsmuseum, dat ook de collectie van het voormalige volkenkundig museum Gerardus van der Leeuw beheert, waren voorwerpen van poolreizigers te zien. Teleurstellend was de voor kinderen bedoelde quiz over Eskimo’s. Het in deze tijd in stand houden van een verkeerde beeldvorming en naamgeving van Inuit past een Universiteitsmuseum niet. Arctic Peoples Alert mocht van het museum geen reactie op haar opmerking ontvangen. Voor de deur stond een replica van de sloep van Willem Barentsz afkomstig van het museum ’t Behouden Huys op Terschelling.
Naast de foto-expositie NomadsLife in Galerie Noorderlicht was er in het Noordelijke Scheepvaart-museum de indrukwekkende foto-expositie Faces from the Scoresby Sund van Dr. Ko de Korte te zien. In 1973-75 fotografeerde hij de inwoners. Het is schokkend te ervaren hoeveel geportretteerden mensen
inmiddels overleden bleken te zijn als gevolg van zelfmoord en ongevallen.

Replica sloep van Barentsz. Foto: Willemien Mensinga,
winnares Poolnacht fotocompititie.

14.01 Ter afsluiting vond het Poolnachtdebat plaats, voorafgaand door een seminar en een kinderdebat onder leiding van Prinses Laurentien, in het gebouw van de Gasunie: Economische exploitatie van het Noordpoolgebied: Botsende belangen?! Op het laatste moment was Leo van der Vlist (Nederlands Centrum voor Inheemse Volken) bereid gevonden om in mijn plaats wegens ziekte naar het seminar te
gaan. In het onderdeel zelfbeschikking van inheemse volken versus externe belangen wees hij in het hol van de ijsbeer onder meer op de VN-Verklaring voor Inheemse Volken en de internationaal afgesproken ILO-Code of Conduct for Multinationals.

Tentoonstellingstekst Universiteitsmuseum;
Ingang Poolmarkt, A-kerk.

In zijn presentatie belichtte hij Artikel 3 van de VN-Verklaring. Dit artikel verklaart dat inheemse volken zelfbeschikkingsrecht hebben. Op grond hiervan hebben zij het recht om vrijelijk hun politieke status te bepalen en vrijelijk hun economische en culturele ontwikkeling na te streven. Belangen van inheemse
volken botsen echter veelal met de belangen van de staat waarin zij leven maar ook met bedrijven die in hun gebieden gevestigd zijn. Inmiddels groeit er een consensus dat het recht van inspraak van de inheemse bevolking niet beperkt mag worden tot consultatie alleen. Er moet daarnaast een lokale toestemming zijn voor de toekenning van exploitatierecht. Dit wordt Free and Prior Informed Consent genoemd. Het principe van een dergelijke toestemming houdt in dat de inheemse bevolking op juiste wijze moet worden geïnformeerd over alle sociale en ecologische gevolgen van een exploitatie en de mogelijke alternatieven hiervan, voordat het project van start gaat. Op die manier zou er meer garantie moeten zijn dat de levenskwaliteit van de lokale bevolking er niet op achteruit gaat en dat zij op eerlijke wijze mee kan profiteren van de winsten op ontginning, aldus Leo van der Vlist. Onder leiding van Menno Bentveld vond het slotdebat plaats. In Zwolle sprak de GasTerra-vertegenwoordiger nog over Indianen. Tijdens het slotdebat werd eerst gesproken over Eskimo’s! Door correctie uit de zaal werd dat veranderd in Nenets. Hun leefwijze op de toendra is volgens GasTerra maar armoedig en voor hun
ontwikkeling is urbanisatie een positieve ontwikkeling.

V.l.n.r.: dir. Ammassalik Museum, Carl-Erik Holm met Ko de Korte; Poolnachtdebat; Jeroen Toirkens.

Minister Verhoeven bezoekt Yamal

Van 12 tot 14 mei 2010 brachten Minister van Economische Zaken, Maria van der Hoeven en vertegenwoordigers van Nederlandse bedrijven een bezoek aan Jamal (Yamal)- en Karazeegebied in Noordwest Siberië op uitnodiging van de Russische vicepremier Viktor Zoebkov. Met de minister reisden onder meer vertegenwoordigers van olieconcern Shell, de baggerbedrijven Boskalis en Van Oord en ingenieursbureau Royal Haskoning mee.
Die bedrijven maken deel uit van de Project Delta Group, een stichting waarin het ministerie van Economische Zaken en twintig bedrijven en instellingen zitten. De organisatie richt zich op economische samenwerking met Rusland, vooral in het Jamal- en Karazeegebied. Belangrijkste partner aan Russische zijde is het gasbedrijf Gazprom.
Het Jamal- en Karazeegebied leent zich uitstekend voor de expertise van Nederlandse concerns in de Delta Project Group. Waar eerst de traditionele aanpak van gaswinning belangrijk was (via land), ligt de focus voor de komende jaren op de gasvelden in en rond de zee. De bedrijven in de Project Delta Group hebben ruime ervaring en expertise om de Russen hierbij te assisteren, bijvoorbeeld bij het adviseren en opspuiten van land voor verwerkingsinstallaties daar waar nodig en andere specialistische kennis belangrijk voor gaswinning onder speciale omstandigheden.