Farley Mowat 1921 – 2014

In memoriam
Mowat Cartoon  148327_600Farley Mowat
1921 – 2014

Op 6 mei 2014 overleed op 92 jarige leeftijd de Schotse rebel, schrijver en activist Farley McGill Mowat thuis in zijn woonplaats Port Hope, Ontario, Canada. Hij werd op 12 mei 1921 in Belleville geboren.

Deze vroege klokkenluider over de situatie van de inheemse Arctische volken en de vernietiging van natuur en milieu was tot het laatst activist. Hij laat meer dan 40 boeken achter, waarvan ongeveer 17 miljoen exemplaren zijn verkocht en die in meer dan 20 talen zijn vertaald. Hij ontving vele prijzen, zoals in 1981 de Order of Canada. Hij was van 1993 tot 1998 lid van het Comité van Aanbeveling van de Stichting Innu Steungroep (thans Arctic Peoples Alert).
Zijn overlijden heeft de Nederlandse media gehaald, ofschoon hij in Nederland niet zo bekend is. Slechts drie van zijn boeken zijn in het Nederlands vertaald en verfilmingen ervan hebben maar kort in de Nederlandse bioscopen gedraaid.

farleyWW21945 Amstel
Mowat was een van onze bevrijders. In februari 1941 trad Mowat in dienst van het Hastings and Prince Edward Regiment van het Canadese leger. In juli 1942, tijdens de vaart over de Atlantische Oceaan, werd onderweg een walvis voor een duikboot aangezien. Inmiddels inlichtingenofficier, nam hij in juli 1943 deel aan de landing op Sicilië gevolgd door de opmars door Italië. Als een van de weinigen van zijn regiment overleefde hij deze tocht. Half april 1945 werd hij verbindingsofficier tussen de Nederlandsche Binnenlandse Strijdkrachten in bezet Amsterdam. Achter de linies had hij een spannende tijd en hield hij zich bezig met de organisatie van  voedseldroppings. Op 7 mei, vijf dagen voordat hij vierentwintig werd, gaven de Duitse bezetters zich over. Zijn taak werd om Duitse bewapenings-systemen te onderzoeken en te verzamelen. Alles wat hij met zijn 1st Canadian Army Museum Collection Team, gekscherend wel “Mowat’s Private Army” genoemd, vond, werd in een voormalige Duitse barak in Ouderkerk aan de Amstel opgeslagen. Daaronder bevonden zich tanks, twee V1’s en, met behulp van 30 liter De Kuyper jenever, zelfs een V2 raket. Bij het testen van een Duitse eenpersoonsduikboot kwam hij in de modder van de Amstel vast te zitten en werd het spannend of hij nog wel boven zou komen.
Vanuit Antwerpen kon Mowat het Nederlandse schip SS Blommersdiik onder schipper Van Zwol maar een klein deel van het verzamelde materiaal meenemen naar Montreal. Daarmee legde hij de basis voor het Canadese Oorlogsmuseum. In het voorjaar van 1953 maakte hij samen met zijn vrouw zijn tocht door Europa tijdens de Tweede Wereldoorlog nog eens dunnetjes over. Over zijn
oorlogservaringen schreef hij onder andere in The Regiment (1955), And No Birds Sang (1987) en Aftermath (1995).

Ihalmiut
Terug in Canada kon Mowat niet direct zijn draai vinden. Nu zou de diagnose waarschijnlijk zijn: post-traumatische stress-stoornis. Als veteraan kon hij alsnog versneld afstuderen en werd bioloog in dienst van de Northwest Territories. Voor de oorlog was hij al vertrouwd geraakt met reizen in het Canadese Noordpoolgebied. Tijdens zijn onderzoek naar de verdwijning van kariboes, constateerde hij dat de Inuit dat aan de Hudson Bay woont, de Ihalmiut, met uitsterven werden bedreigd. Bij de Canadese regering kreeg Mowat geen gehoor. In zijn boek People of the Deer (1952), dat ook in het Nederlands is als ‘Het Rendiervolk’ (1972) vertaald werd, vertelde hij het verhaal van de Ihalmiut dat zeer sceptisch en ontkennend werd ontvangen. Ook volgde ontslag. Zijn tweede boek Desperate People (1959) volgde, maar het mocht niet baten: de Ihalmiut zijn er niet meer. Over zijn onderzoekservaringen naar de wolf die de schuld kreeg van de afname van het aantal kariboes, vertelde hij in het boek Never Cry Wolf (1963), dat in het Nederlands vertaalt werd als ‘Wee de Wolf’ (1968/1984) en in 1983 werd verfilmd. Een must voor beginnende onderzoekers in het Noordpoolgebied. Ook over dit boek werd Mowat tot voor kort nog aangevallen en ondervond hij levenslang tegenwerking. Lost in the barrens (1958) werd vertaald onder de titel ‘Wolven huilen in de sneeuw’ (1965). In 2003 werd ook zijn boek The Snow Walker verfilmd en deze film was in de Nederlandse bioscoop te zien.

Mowat Boek S 00052396-01Siberië 
Verschillende van Mowat’s boeken zijn ook in het Russisch vertaald. Nadat hij net het Canadese Noordpoolgebied bereisd had, reisden hij en zijn vrouw in 1966 als een van de eersten door het Russische Noordpool-gebied. Hun gids was de Tsjoekstjie Juri Rytchëu, waarvan overigens verschillende boeken in het Nederlands zijn vertaald. Deze reis leidde tot het boek Siber (1970) dat in het Nederlands verscheen onder de titel ‘Siberië’ (1973). Terugkijkend is het juist dit boek dat een gekleurd beeld geeft, omdat Mowat van de inheemse Arctische volken in de toenmalige Sovjet-Unie afzette tegen de situatie in Canada.

Noormannen 
Tijdens zijn reizen door het Canadese Noordpoolgebied kwam Mowat resten van bouwwerken tegen die onmogelijk door Inuit konden zijn gemaakt. Archeologische vondsten hadden inmiddels de Noorse en Groenlandse sagen bevestigd dat Noormannen zich in Noord-Canada gevestigd hadden rond het jaar 1000. Maar de bouwwerken waren
duidelijk geen overblijfselen van Vikingactiviteiten. Voor die tijd waren er
mensen over zee verdreven door bijvoorbeeld Romeinen en Pikten. Aannemelijk is dan ook dat andere volken in het Canadese Noordpool-gebied terecht waren gekomen. Over de periode vóór de Noormannen schreef Mowat een aantal fascinerende boeken met vragen en vermoedens waarop wellicht ooit een antwoord komt: Westviking (1965) en The Alban Quest (The Farfarers, 1998).

Mowat Boek S mk_KEthZy856gvSby1MnfogVS en zeehonden
Mowat was een van de eersten die protesteerden tegen de Canadese zeehondenjacht. Dat bracht hem in 1968 ook even in Amsterdam. In april 1985 wilde Mowat zijn nieuwe boek Sea of Slaughter, over de jacht op zeehonden en walvissen, in de Verenigde Staten promoten. Het was niet zijn “rok” zijn Schotse kilt waarom Mowat op de luchthaven van Toronto door de immigratie-autoriteiten van de VS werd medegedeeld dat hem de toegang tot de VS werd geweigerd. Waarom wel, werd niet duidelijk gemaakt. Buiten Mowat om buitelden een maand lang autoriteiten en media over elkaar. Het leverde een hilarisch maar triest verhaal op: My discovery of America (1985). De VS hadden vele redenen om deze ‘gevaarlijke’ schrijver te weigeren. Zo demonstreerde hij in 1961 tegen de Cubacrisis, in 1963 voor nucleaire ontwapening, reisde door Sovjet-Unie en riep hij: “als die nucleair geladen VS-bommenwerpers over mijn huis vliegen, schiet ik ze met mijn geweer neer”.
Mowat 2Het schip van Sea Shepherd, dat onder Nederlandse vlag vaart en door Canada in beslag werd genomen, draagt zijn naam.
Hij laat zijn tweede vrouw, schrijfster Claire Mowat achter, waarmee hij in 1965 trouwde en twee zoons uit zijn eerste huwelijk, Sandy en David.
Video: http://www.theglobeandmail.com/arts/arts-video/video-in-his-own-words-life-and-times-of-farley-mowat/article18515505/?videoembed=true“>In his own words: The life and times of Farley Mowat, Globe and Mail 7 mei 2014.
*Tekening: cagle.com Steve Nease, 11 mei 2014.

Finn Lynge 1933 – 2014

In memorial

Finn Lynge
22 april 1933 Nuuk – 4 april 2014 Qaqortoq

Finn Lynge 2008 04 20 Narsaq HPIM0714Finn Lynge passed away in the South of Greenland aged eighty. We not only lost an extraordinary man. He was an exceptional Greenlandic world citizen, advocate for the environment and the indigenous rights and a man who saw the big picture.
He visited the Netherlands many times to participate in sessions of the International Court of Justice in The Hague, the Inter-national Whaling Commission, to give lectures, and in the last years in relation to the Earth Charter in which he actively participated. He tried to get other Greenlanders involved in the Earth Charter and brought in Narsaq Agenda 21 in practice.
He made the Greenlandic government aware of the exhibition of human remains in the West-Frisian Museum in Hoorn, The Netherlands which claimed these belong to a Greenlander. Do to investigation by the Greenlandic government it became clear that the remains are not from a Greenlander.
Since we met in Echternach, Luxembourg, in the nineteen eighties, he has learned me a lot. We often discussed the developments around the so called seal issue. The last years he got tired fighting against the import ban on skins of seals (now even a ban on all products of seals). This ban has enormous impact on Inuit in the Arctic who depend on the hunt on seals. But in the EU there is little understanding. Everyone who fights for animal rights should read his book Arctic Wars, Animal Rights, Endangered Peoples (1992).
Finn was a teller of many anecdotes. Once a friend and I met him in the streets of Helsingør and visited him. Finn showed my friend his bone of a walrus penis. My friend earned one point by recognizing this. After that came an auditory ossicle of a whale. Another point. Then came a hair of a mammoth …
Then there was the repeated anecdote about kasuutta (cheers) and op je gezondheid (to your health), which are pronounced in a similar way, which is perhaps explained by the Dutch roots of whalers and traders visiting the west coast of Greenland in the seventeen century before priest Hans Egede landed near Nuuk on a “Dutch” vessel in 1721.
Besides The Hague and Brussels we met mostly in København, the last time in 2010 during the presentation of a new book. In 2008, when he became 75, I was present at his symposium in Narsaq. From there, he went to København and we travelled together, but no place to sit together. So during the whole flight from Narsarssuaq to Kastrup we stood in the isle in the middle of the plane discussing as Finn wrote: “our common efforts to understand our own time”.
I will miss his inspiring talks and hope that his legacy will live on. I wish a great deal of strength to Rie, family, friends and the Greenlandic community.
Govert de Groot, Arctic Peoples Alert

 

 

Shell seeks OK from whalers

Sep 20, 2012. Federal regulators on Thursday gave Royal Dutch Shell the green light to move forward with preliminary well work in the Beaufort Sea off northeast Alaska as soon as the subsistence whaling season ends.
The company is also working to obtain support from Inupiat Eskimo whalers that
could allow Shell to move its drill rig over the Sivalluq prospect in the Beaufort, 20 miles north of Point Thomson off Alaska’s northeast coast, Shell spokesman Curtis Smith said.
In an accord with Inupiat whalers, Shell and other oil companies have agreed to keep
drill ships away from prospects during the subsistence whaling season in the villages of Nuiqsut and Kaktovik. The deal stemmed from fear that noise from ships and anchor lines would disturb migrating bowhead whales and push them farther from shore, making hunting more dangerous or impossible.
Source: Alex DeMarban  www.alaskadispatch.com