Siberische volken, oral history… – Imakalezing

31 oktober 2011 - Imaka-lezing - Groningen30 september 2013. Imaka dubbellezing:
De (West-)Siberische volken, hun oral history
en culturele dynamiek.
Peter Jordan: Reconstructing cultural dynamics in Northwest Siberia: archaeology, history and ethnography;
Roza Laptander: Oral history of Nenets people.
Arctisch Centrum / Aweg 30 / 9718 CW Groningen
19:30 uur (Let op! De deur gaat na dit tijdstip op slot). Toegang: € 2,00 (inclusief koffie en thee). Voertaal: Engels.
RUG Peter JordanPeter Jordan:
Reconstructing cultural dynamics in Northwest Siberia: archaeology, history and ethnography.

This talk will examine the rich cultural history of Northwest Siberia, which lies just behind the Ural Mountains, and consists of the extensive wetlands and floodplains of the Ob River. Although Siberia is often perceived in Europe as being a remote and uninhabited land, this region has been inhabited for many millennia by various hunting, fishing and gathering cultures. Using a combination of archaeological evidence, historical archives and recent ethnographic data, this lecture will look at some of the long- term cultural transformations that have taken place in the region. These include the arrival of new technologies into the area, the incorporation of Siberia into the medieval fur trade, the Russian conquest and colonial period, as well as later Soviet and post Soviet transformations. Specific attention is directed at understanding the history of one ethnic group; the Khanty. Lecture themes include adaptation to northern ecology, historical geography, circumpolar colonisalism, shamansim and spirituality, sacred landscape geography, environmental change, modern Siberian indigenous peoples and cultural resilience.
Peter Jordan is de nieuwe hoogleraar Arctische en Antarctische Studies aan het Arctisch Centrum. Hij heeft een achtergrond in geografie, archeologie en paleo-economie; hij promoveerde op de ethno- archeologie van jager-verzamelaars in West Siberië.

Roza Laptander dsc00748Roza Laptander:
Oral history of Nenets people.
Her research is called: Socio-cultural change of Uralic languages’ minority in 20-21st century Siberia analyzed through Nenets life stories“. I do collecting, documenting, describing and analyzing the oral history of Nenets people.  The idea of the project is that all Nenets people’s memories are part of their national history. Methods of oral history help to open the alternative unknown history of Nenets, one of the Uralic language speaking Northern Minority nations of the Russian Federation. In the transitional periods when one political regime changed to another, people’s memories tell us about this time of socio-cultural and political changes in a way how they remember it.  By telling stories about the past Nenets make these events come alive again not just for themselves, but also for young members of their society. Every oral story, every narrative of individuals contains rich information about the previous time, which is usually not available in any written form and they transfer lessons about experiences of the past to the present time, for e.g. how locals intersected with larger social, historical and poli tical processes in a big country such as Russia in the transitional periods when one political regime changed to another. These collected sources tell about the life of Nenets at the beginning of the 20th century until today.
Roza Laptander is onderzoeker aan het Arctic Centre in Rovaniemi in Finland. Zij deed en doet vooral onderzoek op het Yamal schiereiland onder Tundra Nenets rendierherders, onder andere naar hun traditionele kennis en “oral history” en hun traditionele kennis. Maar ook naar de reactie van de Nenets op de invloed van intense ontwikkelingen en industrialisatie van hun traditionele woongebieden. Gewijzigd: 25.09 2013 / 20.11.2013.

Verhagen in Stavangen

Nederland wil regels voor energiewinning Noordpoolgebied

Nederland pleit voor bindende internationale regels om milieuschade te voorkomen bij de winning van energie in het Noordpoolgebied. Dat verklaarde de demissionaire minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, Maxime Verhagen op 27 augustus 2012 in een toespraak tijdens de internationale energie-conferentie ONS 2012 in Stavanger, Noorwegen.

‘We moeten de mogelijkheden voor zelfregulering van de energie-industrie in het Noordpoolgebied niet overschatten,’ aldus minister Verhagen. ‘Vanwege het uiteenlopen van geopolitieke en commerciële belangen hebben we nieuwe  internationale regels nodig.’

De vraag naar energie blijft groeien. Het grootste deel van de energie-voorraden bevindt zich binnen de grenzen van de landen die aan de Noordpool grenzen. Daarom is winning van olie- en gas in het Noordpool-gebied volgens Nederland alleen een kwestie van tijd.
‘Niet of we energiewinning moeten toestaan, maar hoe we dat op een verantwoorde manier kunnen doen, dat is de uitdaging waar we voor staan’, hield minister Verhagen een gehoor van regeringsleiders, ministers, de top van de olie- en gasindustrie en analisten voor.
De ONS-conferentie trekt 50.000 bezoekers uit meer dan 90 landen. Het belangrijkste thema zijn dit jaar de geopolitieke uitdagingen van energiewinning.Zijn oproep is tegenstrijdig met zijn antwoorden op de Kamervragen van de Partij voor de Dieren. Daarin verschuilt Verhagen zich achter de regering van de Verenigde Staten, die toestemming aan Shell heeft gegeven om voor de kust van Alaska het jachtgebied van de Inuit te boren. Eerder heeft Verhagen, als minister van Buitenlandse Zaken, de enige ambtenaar die deels belast was met het Nederlandse beleid ten aanzien van het Noordpoolgebied, op dit ministerie wegbezuinigd. Verhagen is niet aanwezig bij de vergaderingen van de door hem aangehaalde Arctic Council of van de Barents Euro-Arctic Council want daar valt er voor de koopman in schaapskleren niets – te koste van mens en milieu – te verdienen.
 
‘Thinking slow in our energy policy’
“The exploitation of the Arctic reserves is a matter of time, and most of these reserves are located within the borders of the Arctic countries. But we still need to minimise the risks of exploitation and foster good governance. Speaking of which, the Dutch government considers those parts of the Arctic outside the jurisdiction of the Arctic nations as Global Public Goods, an area that needs protection for the sake of future  generations. We also believe that Arctic allow us to see whether global climate change policies have any affect.
The Netherlands has been active in the European sector of the Arctic ever since the epic journey of captain Willem Barentsz over four hundred years ago. He searched for the Northeast and Northwest passages to Asia but instead ‘found’ Bear Island, Spitsbergen and a harsh winter at Novaya Zemlya in 1596-1597.We learned that the Arctic is to be approached with respect.To safeguard the Arctic today, we need to implement existing treaties. At the same time, we need to be aware of the gaps — gaps in the subjects and in the geographical area covered by the existing treaties. That is why we favour additional binding international rules based on the precautionary principle, to provide better protection of the Arctic and its fish reserves. We think the Arctic Council is the best forum for this.
In a paper prepared for this session, risk management firm DNV and the Fridtjof Nansen Institute said that – and I quote – large areas towards the North Pole remain challenges in terms of regulatory frameworks for search, rescue, evacuation, environmental clean-up, and liability for oil spill damages.” I agree with this. We have to be realistic and avoid being overconfident with regard to industry self-regulation. Considering the disparity of commercial and geo-political interests, I am convinced we need new international regulations.We also need technology and innovation policies that can handle the physical challenges of the Arctic. The Netherlands is doing its part. Since 1984 we have been conducting polar research and the Dutch government is supporting a proposal of the Project Delta Group for an innovative approach to the exploitation of gas in Yamal, Russia. The truth is that right now we cannot foresee all consequences of Arctic exploitation. Many questions still need to be answered, such as:
  • Should we allow unlimited exploitation of gas and oil in such fragile environment?
  • Do we know enough about the impact of a major oil spill on freezing or frozen water?
  • Are there effective methods of containing and cleaning up an oil spill in the Arctic, with its long periods of darkness and extreme  temperatures?
These questions warrant a broad dialogue and slow thinking. In fact, we have a duty to develop golden rules for the Arctic to bolster social acceptance, and use innovations and new technologies for eventual production activities in this fragile part of our planet.
…I started my talk by saying that our brain has two ways of thinking: a fast and a slow one. In my opinion, companies and governments need slow thinking to ensure a sustainable energy future. This is especially true of the Arctic. So thank you for your time. I wish you a lot of slow thinking.
www.rijksoverheid.nl  2012 08 27 (2012.09.11)

arctica 33 – Poolnacht van Groningen

De Poolnacht van Groningen werd gehouden van 15 november 2010 t/m 15 januari 2011.

Het was een initiatief van het Willem Barentsz Poolinstituut en C&N-Rijpma Projecten en werd ondersteund door het WWF, Blikveld en de KNNV Uitgeverij. Tijdens een groot scala aan activiteiten werd tevens het veertigjarig bestaan van het Arctisch Centrum (RUG) gevierd. Een kort verslag.
15-11 Op de opening werd veel aandacht besteed aan de activiteiten en mogelijkheden voor het Nederlandse bedrijfsleven bij de winning van gas op schiereiland Jamal in het Noordwesten
van Siberië.

18-11 In Zwolle vond het uitgestelde seminar Van wie is de Noordpool? plaats, aangeboden door de Gemeente Groningen en gesteund door VNO-NCW Noord. Geert Greving van GasTerra, secretaris stichting Project Delta Group en voorzitter van de Rusland Groep van de Dutch Trade Board, sprak enthousiast over de mogelijkheden voor de Nederlandse industrie om op Jamal via zee gas te
winnen. Volgens Greving kunnen Nederlandse ondernemers met hun innovaties de waterbange Russen goed helpen en kennis aandragen met betrekking tot permafrost. Er zouden bij Jamal alleen wat witte robben zitten (waarschijnlijk bedoelt hij jonge kleine zeehond). Tijdens zijn bezoek aan het gebied werden de oorspronkelijke bewoners, volgens Greving Indianen, er ook even bijgehaald. Die dronken bleken te zijn. Weinig respectvolle taal van de GasTerra-vertegenwoordiger en dat heb ik ook uitgesproken.

V.l.n.r.: Groenlandse les door Ole Korneliussen op de Poolmarkt; Joyce Roodnat spreekt met Bernlef; Sacha Landkroon, huisdichter RUG.

24-11 Op een bijzondere Literaire Poolnacht waren onder leiding van Joyce Roodnat bijdragen te horen van J. Bernlef, Remco Ekkers, Sacha Landkroon, Lars Saabye Christensen (Noorwegen), Sami Ailo Gaup uit Noorwegen, Groenlander Ole Korneliussen (Qivittoq) uit Denemarken. Al dan niet gereisd, (tijdelijk) woonachtig of geboren in Arctisch gebied hadden allen het Arctisch gevoel in hun oeuvre verwerkt. Opvallend was dat de bewoners het wat minder warm en romantisch ervoeren dan de (niet) bezoekers van het Poolgebied.
In het Universiteitsmuseum, dat ook de collectie van het voormalige volkenkundig museum Gerardus van der Leeuw beheert, waren voorwerpen van poolreizigers te zien. Teleurstellend was de voor kinderen bedoelde quiz over Eskimo’s. Het in deze tijd in stand houden van een verkeerde beeldvorming en naamgeving van Inuit past een Universiteitsmuseum niet. Arctic Peoples Alert mocht van het museum geen reactie op haar opmerking ontvangen. Voor de deur stond een replica van de sloep van Willem Barentsz afkomstig van het museum ’t Behouden Huys op Terschelling.
Naast de foto-expositie NomadsLife in Galerie Noorderlicht was er in het Noordelijke Scheepvaart-museum de indrukwekkende foto-expositie Faces from the Scoresby Sund van Dr. Ko de Korte te zien. In 1973-75 fotografeerde hij de inwoners. Het is schokkend te ervaren hoeveel geportretteerden mensen
inmiddels overleden bleken te zijn als gevolg van zelfmoord en ongevallen.

Replica sloep van Barentsz. Foto: Willemien Mensinga,
winnares Poolnacht fotocompititie.

14.01 Ter afsluiting vond het Poolnachtdebat plaats, voorafgaand door een seminar en een kinderdebat onder leiding van Prinses Laurentien, in het gebouw van de Gasunie: Economische exploitatie van het Noordpoolgebied: Botsende belangen?! Op het laatste moment was Leo van der Vlist (Nederlands Centrum voor Inheemse Volken) bereid gevonden om in mijn plaats wegens ziekte naar het seminar te
gaan. In het onderdeel zelfbeschikking van inheemse volken versus externe belangen wees hij in het hol van de ijsbeer onder meer op de VN-Verklaring voor Inheemse Volken en de internationaal afgesproken ILO-Code of Conduct for Multinationals.

Tentoonstellingstekst Universiteitsmuseum;
Ingang Poolmarkt, A-kerk.

In zijn presentatie belichtte hij Artikel 3 van de VN-Verklaring. Dit artikel verklaart dat inheemse volken zelfbeschikkingsrecht hebben. Op grond hiervan hebben zij het recht om vrijelijk hun politieke status te bepalen en vrijelijk hun economische en culturele ontwikkeling na te streven. Belangen van inheemse
volken botsen echter veelal met de belangen van de staat waarin zij leven maar ook met bedrijven die in hun gebieden gevestigd zijn. Inmiddels groeit er een consensus dat het recht van inspraak van de inheemse bevolking niet beperkt mag worden tot consultatie alleen. Er moet daarnaast een lokale toestemming zijn voor de toekenning van exploitatierecht. Dit wordt Free and Prior Informed Consent genoemd. Het principe van een dergelijke toestemming houdt in dat de inheemse bevolking op juiste wijze moet worden geïnformeerd over alle sociale en ecologische gevolgen van een exploitatie en de mogelijke alternatieven hiervan, voordat het project van start gaat. Op die manier zou er meer garantie moeten zijn dat de levenskwaliteit van de lokale bevolking er niet op achteruit gaat en dat zij op eerlijke wijze mee kan profiteren van de winsten op ontginning, aldus Leo van der Vlist. Onder leiding van Menno Bentveld vond het slotdebat plaats. In Zwolle sprak de GasTerra-vertegenwoordiger nog over Indianen. Tijdens het slotdebat werd eerst gesproken over Eskimo’s! Door correctie uit de zaal werd dat veranderd in Nenets. Hun leefwijze op de toendra is volgens GasTerra maar armoedig en voor hun
ontwikkeling is urbanisatie een positieve ontwikkeling.

V.l.n.r.: dir. Ammassalik Museum, Carl-Erik Holm met Ko de Korte; Poolnachtdebat; Jeroen Toirkens.

Minister Verhoeven bezoekt Yamal

Van 12 tot 14 mei 2010 brachten Minister van Economische Zaken, Maria van der Hoeven en vertegenwoordigers van Nederlandse bedrijven een bezoek aan Jamal (Yamal)- en Karazeegebied in Noordwest Siberië op uitnodiging van de Russische vicepremier Viktor Zoebkov. Met de minister reisden onder meer vertegenwoordigers van olieconcern Shell, de baggerbedrijven Boskalis en Van Oord en ingenieursbureau Royal Haskoning mee.
Die bedrijven maken deel uit van de Project Delta Group, een stichting waarin het ministerie van Economische Zaken en twintig bedrijven en instellingen zitten. De organisatie richt zich op economische samenwerking met Rusland, vooral in het Jamal- en Karazeegebied. Belangrijkste partner aan Russische zijde is het gasbedrijf Gazprom.
Het Jamal- en Karazeegebied leent zich uitstekend voor de expertise van Nederlandse concerns in de Delta Project Group. Waar eerst de traditionele aanpak van gaswinning belangrijk was (via land), ligt de focus voor de komende jaren op de gasvelden in en rond de zee. De bedrijven in de Project Delta Group hebben ruime ervaring en expertise om de Russen hierbij te assisteren, bijvoorbeeld bij het adviseren en opspuiten van land voor verwerkingsinstallaties daar waar nodig en andere specialistische kennis belangrijk voor gaswinning onder speciale omstandigheden.

Gazprom en TAQA tekenen Memorandum

5 december 2008, Abu Dhabi National Energy Company PJSC (TAQA) en Gazprom export maakten de ondertekening bekend van een Memorandum of Understanding, een principe-akkoord, over de voorgenomen samenwerking in de nieuwste en grootste gasopslag van Europa in Nederland: Gasopslag Bergermeer.
TAQA Energy B.V. (namens het consortium van het project Bergermeer Gasopslag, dat verder bestaat uit Energie Beheer Nederland (EBN), Dyas B.V. en Petro-Canada) en Gazprom export, onderdeel van het grootste gasbedrijf in de wereld JSC Gazprom, zijn overeengekomen om een samenwerking op te zetten ten behoeve van de ontwikkeling van de Bergermeer Gasopslag.
Het project is een cruciaal onderdeel van de ambitie van de Nederlandse regering om zich te ontwikkelen tot ‘gasrotonde’ van Noord- en West-Europa.
TAQA, als ‘operator’ van de Gasopslag Bergermeer, bevindt zich momenteel in de eindfase van het technische ontwerp, de vergunningenaanvraagprocedure en het planningsproces om een begin te maken met het ombouwen van het bestaande, leeggeproduceerde Bergermeer-veld tot Europa’s grootste seizoensopslag. Naar verwachting begint de constructie van de Gasopslag Bergermeer in het tweede kwartaal van 2009 en zullen de commerciële activiteiten in het tweede kwartaal van 2013 van start gaan. Vanaf dat moment zal het merendeel van de opslagcapaciteit beschikbaar zijn voor derde partijen.
Gazprom zal met 60 jaar ervaring in de constructie en het ontwerp van gasopslagprojecten een grote bijdrage leveren aan het project en kussengas leveren voor injectie in de zomermaanden in de komende vier jaar. Kussengas is een noodzakelijke minimum-hoeveelheid gas die ervoor zorgt dat het reservoir een optimale druk heeft voor commerciële activiteiten.
Peter Barker-Homek, TAQA’s CEO: “Wij zijn verheugd om Gazprom te verwelkomen als mogelijke partner in het project Gasopslag Bergermeer en kijken uit naar Gazprom’s waardevolle bijdragen. TAQA, als wereldwijd energiebedrijf actief op alle terreinen van de energieketen, is toegewijd om verantwoord te investeren in de Europese energie-infrastructuur. We zijn trots dat wij het grootste en het meest innovatieve nieuwe gasopslagproject in Europa leiden; met de toevoeging van Gazprom zijn we weer een stap dichter bij de voltooiing”.
TAQA en Gazprom export stellen zich ten doel om de komende maanden de technische en commerciële onderhandelingen af te kunnen ronden en tot een investeringsbeslissing aan het einde van het eerste kwartaal van 2009 te komen. Tevens continueert TAQA het overleg met andere potentiële partners en tussengasleveranciers om een zo divers mogelijk consortium van energiebedrijven te creëren in het project Gasopslag Bergermeer. Dit consortium van bestaande en nieuwe partners verzekert het succes en een tijdige start van het project zodat de leveringszekerheid in Europa gewaarborgd blijft voor de komende decennia.